Ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk: ik zal je een hoopvolle toekomst geven!



Sape Braaksma

Wat doe je als je in ballingschap bent? Als je alles en iedereen hebt moeten achterlaten? Dan ga je er natuurlijk van uit dat het tijdelijk is. Gewoon uit zelfbescherming. Je kunt de gedachte niet verdragen dat je je land en je geliefden nooit meer terug zult zien. Daarom denk je elk jaar weer: ‘Volgend jaar misschien…’. Je wacht af. En ondertussen gaan de jaren voorbij…

4 Dit zegt de HEER van de hemelse machten, de God van Israël, tegen de ballingen die hij vanuit Jeruzalem naar Babel heeft laten voeren: 5 Bouw huizen en ga daarin wonen, leg tuinen aan en eet van de opbrengst, 6 ga huwelijken aan en verwek zonen en dochters, zoek vrouwen voor je zonen en huw je dochters uit, zodat zij zonen en dochters baren. Jullie moeten in aantal toenemen, niet afnemen. 7 Bid tot de HEER voor de stad waarheen ik jullie weggevoerd heb en zet je in voor haar bloei, want de bloei van de stad is ook jullie bloei… (Jeremia 29,4-7)

Zo ging het denk ik ook met de Israëlitische ballingen in Babel. En er waren ‘profeten’ die dat stimuleerden. Hoofdstuk 28 vertelt over ene Chananja, die zegt: 2 Dit zegt de HEER van de hemelse machten, de God van Israël: Ik ga het juk van Babylonië breken. 3 Binnen twee jaar zal ik alle kostbaarheden uit de tempel van de HEER, die koning Nebukadnessar heeft meegevoerd naar Babel, naar Jeruzalem terugbrengen! Nog éven volhouden dus!

Maar dan zegt Jeremia: ‘Ik zou willen dat het waar was. Maar stel je maar gewoon in op de nieuwe situatie. Dien de HEER maar in de situatie waar je nu in zit. Dien elkaar. En dien de stad maar waar je nu zit - al is het de hoofdstad van de vijand.’ En een eindje verderop (in Jer.  29,10) noemt hij het verschrikkelijke aantal 70: 70 jáár gaat het duren… 3 generaties maar liefst… Je moet er niet aan denken…

Ik zie een overeenkomst met onze situatie. Wij zitten ook in een soort ‘ballingschap’. Gelukkig gewoon in ons eigen land. Maar we zijn van alles kwijtgeraakt. Allerlei vrijheden: de vrijheid om dicht bij elkaar te zijn, de vrijheid om te reizen, de vrijheid om te winkelen, de vrijheid om samen te sporten, de vrijheid om samen te komen als gemeente, de vrijheid om ’s avonds naar buiten te gaan en nog veel meer.

En ik denk dat onze neiging als mens en als gemeente ook is: afwachten. Afwachten tot alles weer normaal is. Heel begrijpelijk.

Maar ik denk dat de HEER via Jeremia ook tegen ons zegt: ‘Speel maar zo snel mogelijk en zo goed mogelijk in op de nieuwe situatie. Focus erop om Mij te dienen in de nieuwe situatie. En elkaar. En de stad waar je zit. Met de mogelijkheden en de onmogelijkheden die die situatie met zich meebrengt.’

We weten niet hoe lang het gaat duren. Maar één ding weten we wel. En dat is dat wat de HEER ná vs. 10 zegt tegen de Israëlitische ballingen ook voor ons geldt: 11 Mijn plan met jullie staat vast - spreekt de HEER. Ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk: ik zal je een hoopvolle toekomst geven!

Sape Braaksma


No Internet Connection